3/7 leesrooster Paulus in Jeruzalem

woensdag 15 mei 2019

HANDELINGEN 21 : 37, 40 en 22 : 22-25

37 Vlak voordat ​Paulus​ de kazerne binnengebracht zou worden, vraagt hij de tribuun: Ik zou graag willen dat u me toestemming geeft om het volk toe te spreken.’ 40 Zodra de ​tribuun​ dit had toegestaan, maande ​Paulus, die boven aan de trappen stond, de mensen met een handgebaar tot stilte. Daarna sprak hij hen in het Hebreeuws toe.

22:22 De menigte had naar ​Paulus​ geluisterd, maar nu begon iedereen luidkeels te roepen: ‘Weg met die man! Zo iemand heeft niet het recht om te leven!’ 23 Ze schreeuwden, gooiden met hun mantels en wierpen stof in de lucht. 24 Daarop beval de ​tribuun​ ​Paulus​ de kazerne binnen te brengen. Hij gaf opdracht hem onder het toedienen van zweepslagen te verhoren, om te achterhalen waarom het volk zo tegen hem tekeerging. 25 Maar toen ze hem al vastgebonden hadden voor de zweepslagen, zei ​Paulus​ tegen de ​centurio​ die erbij was: ‘Mogen jullie een ​Romeins burger​ ​geselen, en dan nog wel zonder vorm van proces?’

Paulus had de menigte verteld over de diepste dingen die hem drijven. Dat hij, net als zijn tegenstanders nu, Jezus gehaat heeft, maar dat hij Hem, de opgestane Here heeft ontmoet en sindsdien zijn leven radicaal is veranderd. Hij is bekeerd. Onvermoeibaar heeft hij daarna zowel Joden als heidenen opgeroepen hun leven te richten op de Here Jezus als de gekomen verlosser. Dat was echter meer dan de Joden op dat ogenblik konden verdragen. Ook heidenen? Dat kan niet. Weg met die man! En dan roept de menigte Paulus, die overal leven brengt, toe dat hij zelf niet meer het recht heeft om te leven. Dat geldt niet alleen Paulus maar iedereen die Jezus volgt.

Lopen we daar vandaag soms ook niet tegen aan als we Jezus willen volgen? Dan moeten we er ook maar op rekenen dat wij kunnen worden afgewezen of niet meer voor vol worden aangezien.