Preken & Meditaties

 
Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt Vlaardingen

Details - Bruiloftsgasten vasten tot de bruiloft van het Lam.

Predikantds. A. van Houdt
Emaildsavanhoudt # hetnet . nl
Melden gebruikVan deze preek mag gebruik gemaakt worden in leesdiensten.
Wanneer u dat doet, is het prettig te weten waar en wanneer dat gebeurt.
Daarom graag even een bericht naar het emailadres van de predikant.
TekstLucas 5:33-35
SchriftlezingJesaja 58:1-14.
Lucas 5:27-32.
PDFDownload
Datumvrijdag 24 februari 2006

Bruiloftsgasten vasten tot de bruiloft van het Lam.

Tekst: Lucas 5:33-35.

Schriftlezing:
Jesaja 58:1-14.
Lucas 5:27-32.

Zingen:
Ps. 45:1,5.
Lb.365:1,2.
Gez. 24:5. Ps. 73:10,11.

Je kunt ze al weer horen voor radio en tevee: de carnavals- schlagers.
Met veel hoempapa-muziek bereiden ze ons voor op het luidruchtige feest eind februari.
Carnaval. Van oorsprong een rooms feest, met een religieuze betekenis.
Protestanten deden daar dus ook niet aan mee…
Carnaval. Startsein voor zes weken vasten ter voorbereiding op het Paasfeest.
Carnaval betekent dan ook letterlijk: Het laten staan van vlees als voedsel.
Eérst feesten, dàn vasten.

Wij, Protestanten, hebben weinig moeite om ‘nee’ te zeggen tegen het carnaval.
Hoeveel feestgangers zullen zich na drie dagen dolle pret met ingang van Aswoensdag wèrkelijk beperken?
Hoeveel dolgedraaiden zullen na die roes hun gedachten wijden aan het lijden van Christus?
Wie zal zich gaan verwónderen over het opstaan tot nieuw leven, doordat Christus opstond uit het graf?
Er is ook een andere kant.
Voor ons, Protestanten, valt het idee van een vastendag of een periode van vasten buiten onze horizon.
Is dat wel goed?

Het valt op, dat door heel de Bijbel heen over vasten wordt gesproken.
De reformator Calvijn waarschuwde tegen de roomse vastenpraktijk.
Tegelijk sprak hij ook over de plicht van de ambtsdragers, om de mensen te stimuleren tot vasten.
Hij noemt er drie redenen voor:
• om je zondige begeerten in bedwang te houden
• om je voor te bereiden op het gebed.
• om je te verootmoedigen voor de HERE.
De Gereformeerde Kerken in de 16e eeuw hebben het vasten en bidden gepromoot.
Vooral in een tijd van oorlog, besmettelijke ziekten en bij zware vervolging van de Kerk.
Ook als een gemeente een dominee ging beroepen moest er gevast en gebeden worden.
Dit raakte in de 17e eeuw in onbruik.
In de tijd van de Afscheiding van 1934 leefde het verschijnsel weer even op.
Maar toen de overheid ophield de Afgescheidenen het leven zuur te maken werd ook het vasten gestaakt.
Nu is het vrijwel geheel uit het protestantse leefpatroon verdwenen.
Het enige wat ons nog overgebleven is, is een bepaling in art. 69 van de Kerkorde.
In tijden van oorlog, algemene rampen en andere grote moeiten waarvan alle kerken de druk ervaren, zal een bededag worden uitgeschreven. Daar wordt overigens bijna nooit gebruik van gemaakt.

Ik meen, dat de naderende vogelgriep en de dreiging van een pandemie het uitschrijven van een speciale bededag zeer zou rechtvaardigen.
Maar afgezien daarvan, het verschijnsel ‘vasten’ kennen wij niet meer, -
of het moest zijn de balansdag ivm dreigend overgewicht.
De vraag is, of dat juist is. En: is het eigenlijk wel wáár? Vasten wij inderdáád niet?
Christus kaart het vasten aan naar aanleiding van een vraag over zijn manier van leven.
Hij brengt het ja en nee tegen vasten in verband met de bruiloft van het Lam.

Thema: Bruiloftsgasten vasten tot de bruiloft van het Lam.
1. Om zich te verootmoedigen voor de HERE
2. Om hun leven toe te wijden aan de HERE (te concentreren op de HERE)
Wat Christus zegt over het vasten sluit aan bij de roeping van Levi.
Door deze tollenaar te maken tot zijn volgeling heeft Christus heel wat los gemaakt.
Vooral de Farizeeën ging dit te ver.
Die Levi, die is fout, zeiden ze. Hij is een landverrader. Hij steunt de Romeinse bezetter.
Bovendien is hij een bloedzuiger en afperser.
En als hij daar nu mee was gestopt…
Maar deze tolbeambte leefde nog mídden in zijn zonde!
Hij werd zó maar door Christus midden uit zijn slechte praktijken weggeroepen.
Stel, dat een kerkenraadslid bij het Centraal Station in R’dam een drugsdealer bezig ziet met z’n handeltje.
En dat hij dan zou zeggen: kom op! Jij moet bij ons in Vlaardingen ouderling worden!
Dat krijg je er volgens mij niet door…!
Nou, zo ongeveer moet die roeping van Levi bij de mensen overgekomen zijn.

En toen ging Jezus nota bene óók nog naar een diner dat door Mattheus was georganiseerd.
Nou, nou, het was me daar wèl een mooi stel bij elkaar zeg!
Soort zoekt soort.
De collega’s van Levi zaten daar dus ook. Net zo hebberig als hij.
En nog een heleboel ander zondig tuig. Klaplopers een feestbeesten.
De conclusie ligt voor de hand.
Die Jezus beweert wel dat hij de Messias is. Maar Hij deugt gewoon niet, joh.
Hij is een veelvraat en een drinker. Een vriend van tollenaren en zondaren.
Soort zoekt soort.

In Zijn reactie ruimt Christus dit misverstand uit de weg.
Hij praat de leefstijl van tollenaren en zondaren niet goed.
Integendeel. Hij typeert hen als zieke mensen.
Hij is hun dokter. Hij wil hun verziekte leven genezen.
Christus zegt: jullie begrijpen het gewoon niet.
Je denkt: als Jezus van Nazaret een door God gestuurde leraar is wil Hij niets te maken hebben met zo’n zooitje.
Maar waaróm zoek ik contact met krakers en tippelaars, met rellenschoppers en drankorgels?
Níet omdat hun manier van leven mij aanstaat. Dat maken júllie er van.
Maar ik ben gekomen voor zondaren. Dus ga ik naar hen toe en ik roep hen op zich te bekeren.
Nou, maar tóen was de beer pas goéd los!
Niet alleen bij de Farizeeën, maar ook bij de discipelen van Johannes de Doper!
Levi zelf vertelt deze gebeurtenis in Matteus. 9.
Daarr wordt duidelijk dat de discipelen van Johannes met deze vraag naar Christus komen.
Natuurlijk was er een hemelsbreed verschil tussen de Farizeeën en de leerlingen van Johannes
De Farizeeën waren niet naar Johannes toe gegaan om zich te laten dopen.
Zij dachten dat ze zich niet hóefden te bekeren.
Zij waren rechtschapen en vroom.
De tippelaarsters en de rellenschoppers en de drankorgels waren wèl naar Johannes toe gegaan.
Dat Jezus met zulk soort lui contact heeft is niet het grootste probleem van de discipelen van Johannes.
Dat spoorde wel met de aanpak van Johannes de Doper.

Alleen die laatste opmerking van Jezus: ‘Ik ben niet gekomen om rechtvaardigen te roepen, maar om zondaars aan te sporen om zich te bekeren,’ dat stond haaks op de stijl van Johannes de Doper.
Johannes kwam naar de mensen toe, zonder te eten en te drinken.
Hij droeg een jas van kamelenhaar, vastgebonden met een leren gordel.
En zijn dagelijks menu bestond uit sprinkhanen en wilde honing.
Want Johannes riep op tot verootmoediging, tot boete en berouw en belijdenis van schuld.
Hij propageerde een sobere leefstijl. Dan kon je jezelf des te meer wijden aan het gebed.
Dit paste bij zijn optreden als boeteprediker.
Nu komt Hij, Die zich uitgeeft voor de Zoon des mensen naar hen toe.
Hij eet en hij drinkt. Vasten is er niet bij.
En als iets blijk geeft van bekering en boetedoening, dan is het wel het vasten.
Daardoor laat je zien dat je vanwege je zonden een afkeer hebt van jezelf en je verootmoedigt voor God.

De wet van Mozes schreef voor, dat je éénmaal per jaar moest vasten, op de Grote Verzoendag.
Blijkbaar werd het al gauw gewoonte, ook op eigen initiatief te vasten.
• Samuel liet Israel in Mizpa bij elkaar komen om te bidden, te vasten en schuld te belijden.
• Joel kondigde een periode van vasten af vanwege een sprinkhanenplaag.
• Nehemia vastte, toen hij bad voor de bevrijding van Israel.
Daar was niets mis mee.
Maar wat hadden de Rabbijnen gedaan?
Die hadden er een heel systeem van gemaakt, wanneer je wel en niet moest vasten,
En dat hadden ze dwingend aan de mensen opgelegd.
Zo was de gewoonte ontstaan om twee keer per week te vasten. Maandag en donderdag.
Ze zeiden n.l., dat Mozes op een maandag de berg Sinai had beklommen,
en dat hij op een donderdag met twee stenen kleitabletten was afgedaald.
Het zou best eens kunnen, dat de maaltijd van Levi heeft plaatsgevonden op zo’n vastendag.
En dat vinden de discipelen van Johannes heel vreemd.
In dat opzicht zaten ze op één lijn met de Farizeeën.
Vasten is hét kenmerk van vroomheid.
Hoe rigoureuzer iemand vastte, des te meer respect men voor hem had.
Zo werd vasten tenslotte een graadmeter van het geloof.
Daartegen richt zich het protest van Christus.

Al eerder had Hij in de bergrede zich gekant tegen de manier waarop de Farizeeën vasten, Mt.6:16-18.
Het was bij hen een religieuze show geworden. Veren waarmee ze bij anderen pronkten.
Maak er asjeblieft niet zo’n vertoning van, waarschuwt Christus in Mt. 6.
Als jullie vasten, was dan je gezicht en wrijf je hoofd in met olie, zodat niemand ziet dat je aan het vasten bent, alleen je Vader, Die in het verborgene ziet.
Daarmee sluit Christus aan bij Jesaja 58, hét bijbels hoofdstuk over het vasten.
Daar vind je precies dezelfde teneur als bij Christus.
Ook hier wordt vasten als doel in zichzelf àfgewezen.
“Zou dát het vasten zijn dat Ik verkies?
Is dat een dag van onthouding: dat iemand het hoofd buigt als een riet
En zich met een rouwkleed neerlegt in het stof?”
Dit is het vasten als show.

En dan moet je horen, hoe Jesaja het vasten invult: - heel positief:
“Is dit niet het vasten dat ik verkies, zegt de HERE:
De ketenen van een goddeloos leven losmaken,
De banden van het juk te ontbinden, de verdrukten bevrijden en elk juk te verbreken.
Vasten, dat is: je brood delen met de hongerigen,
Onderdak bieden aan armen zonder huis, iemand kleden als hij naakt rondloopt,
Je bekommeren om je medemensen.”
Is daarmee niet alles gezegd?
Christus wijst zinloze menselijke instellingen van de hand.
Tegelijk laat Hij zien wat het wèrkelijke vasten inhoudt.
Dat kun je doen terwijl je ondertussen eet en drinkt met tollenaren en zondaren!
Uitgerekend de tafelgemeenschap met hen laat zien, dat Christus het vasten volgens Jesaja 58 vervult.
Hij maakt de boeien van deze mensen zonder God los.
Hij ontbindt de banden van het juk van de zonde.
Hij gaat verdrukten bevrijden en het juk van de satan breken.
Want voor mensen die honger hebben naar Zijn gerechtigheid breekt Hij Zijn lichaam als brood.
Armen zonder huis biedt Hij onderdak in het huis van de Vader.
Hij ziet onze naaktheid, onze verlorenheid en schuld, en trekt ons de witte kleren aan van Zijn gerechtigheid.
Het Woord is vlees geworden en heeft bij ons gewoond.
En Hij heeft met ons aan één tafel gezeten.
Hij is gekomen om tollenaren en zondaren te redden van de dood.
Zó heeft Hij Zich bekommerd om Zijn medemensen.
Voor Christus was vasten dus níet zozeer een kwestie van iets laten stáán.
Voor Hem was vasten juist een kwestie van géven!
Alles geven! Zichzèlf geven!
Daarom was Hij aan het vasten, terwijl hij ondertussen aan het eten en drinken was.
En die Farizeeën en wetgeleerden, die vastten in feite nóóit!
Hoewel ze op vastgestelde tijden niet aten en dronken.
Want hun vasten was geen teken van boete en berouw.
Zij wilden met hun vasten laten zien, hoe goed ze wel waren.
Terwijl het er juist om ging, dat je vanwege je zonden een afkeer hebt van jezelf en je verootmoedigt voor God.
Daarom konden ze ook niet hun gerechtigheid buiten zichzelf, in Jezus Christus zoeken.

Thema: Bruiloftsgasten vasten tot de bruiloft van het Lam.
1. Om zich te verootmoedigen voor de HERE
2. Om hun leven toe te wijden aan de HERE (te concentreren op de HERE)
3.
Levi heeft zich door Jezus laten roepen.
Hij heeft zich van zijn zondige leven bekeerd. Maar hij vastte niet.
En dat gold ook van de andere discipelen. Waaròm vastten zij niet?
Dat Jezus een streep haalt door de vastenkalender van de Farizeeën wordt door de leerlingen van de Doper betreurt.
Zij zien het als een onnodige breuk met het Joodse godsdienstige establishment.
Betekent dit, dat Jezus het vasten hélemaal heeft afgeschaft?
Nee. Alleen, zegt de Here Jezus, mijn discipelen vasten nú even niet, omdat de Bruidegom bij hen is.
Ik ben bij hen, en daarom is het feest voor hen!
Voor de discipelen van Johannes was dat beeld van de bruidegom een duidelijke hint.
Ze waren al eens eerder met het optreden van Christus geconfronteerd.
Ze hadden aan Johannes gevraagd, waarom Jezus óók doopte.
Toen had Johannes gezegd: ík ben de Christus niet, maar ik ben als heraut voor Hem uitgezonden.
De bruidegom krijgt de bruid;
de vriend van de bruidegom staat te luisteren en is blij dat hij de stem van de bruidegom hoort.
Het gáát om Hém. Ik moet naar de achtergrond verdwijnen.
Naar die woorden van hun meester verwijst Christus de discipelen van Johannes.
Ik ben de bruidegom. Met Mijn komst is het féést aangebroken.
Er is nu geen plaats meer voor vasten.

Daar hadden ook de Farizeeën niets van terug.
De rabbijnen gaven vrijstelling van religieuze plichten tijdens het huwelijksfeest, dat 7 dagen duurde.
Dan hoefde men het dagelijks lange gebed niet uit te spreken,
Men hoefde geen gebedsriem om te doen, geen loofhutten te bouwen en óók niet te vasten.
Die vrijstelling gold de bruidegom en de bruid en óók de bruiloftsgasten.
Daarom mag er gegéten worden aan de tafel van Levi.
Want deze man is van zijn zondig bestaan zó maar het Koninkrijk van Gods genáde binnengetrokken.
Daar moet op gedronken worden. Proost! Op je gezondheid, Levi!
Want zo ziek als je was door je zonden, je wordt gezond door de geneesheer Christus.
Hij wil met jou en heel die zondige club klaplopers en feestbeesten aanzitten aan de bruiloft van het Lam.
En vandaag is Hij begonnen jou en al die anderen daarheen te trekken.
En Hij maakt het diner van Levi tot een voorproef van de bruiloft van het Lam.
Daarom: niet vasten vandaag! Vast niet! Want wie heeft de gasten uitgenodigd?
Levi, zeggen de Farizeeën. En dat zeggen de discipelen van Joahnnes ook. Levi!
Maar Christus zegt: pardon, dat heb Ik gedaan, hoor!
Ik leg beslag op de eetzaal van Levi en ik nodig alle gasten uit om te komen tot Mijn bruiloftsmaal.
Hoe kun je nu van ons vragen te vasten, terwijl wij hier het feest van de verlóssing mogen vieren?

Maar, zo gaat Christus verder, er zullen dagen komen, dat de discipelen wèl zullen vasten.
Niet om een wettisch voorschrift na te leven. Maar uit verdriet.
Als een bruidegom tijdens een feestmaal sterft, raak je geen gebak meer aan.
Zoiets staat er blijkbaar voor de deur.
De bruidegom wordt bij hen weggehaald. Weggerukt, staat er letterlijk.
Daarmee heeft Christus het oog op Zijn dood.
Dan zullen de discipelen geen hap meer door de keel krijgen.
Je mag er van uitgaan, dat de discipelen, toen de bruidegom van hen was weggenomen, in die vreselijke dagen tussen Goede Vrijdag en Paasmorgen, niet hebben gegeten en gedronken en niet bij hun vrouw zijn geweest. Daar stond hun hoofd toen niet naar.

Is die voorspelling van Christus, dat Zijn discipelen zullen vasten, nu achterhaald?
De weggenomen bruidegom is toch weer aan hen terug gegeven? Jezus heeft zelf gezegd in Johs. 16:19
“Nog een korte tijd en jullie zien mij niet meer, maar kort daarna zien jullie Mij terug?”
Het ligt niet voor de hand, dit ‘wegnemen’ op de hemelvaart te betrekken.
In plaats van te vasten keerden de discipelen na de hemelvaart in grote vreugde terug naar Jeruzalem.
Zegenend was de bruidegom van hen weggegaan.
Ze waren rijk en blij met het troostvolle woord dat hij had uitgesproken:
“Ik ben met jullie, alle dagen, tot de voleinding der wereld.”

Maar hoe zit het dan? Is het vasten nu wèl of níet achterhaald?
En als het niet achterhaald is, waarom doen wij er dan niets mee?
Want daar is veel voor te zeggen, bijbels gesproken.
• Met vasten en bidden zond de kerk van Antiochie Barnabas uit voor de zending.
• De ouderlingen werden met gebed en vasten bevestigd in hun ambt.
• Cornelius vastte, voordat hij naar Petrus werd verwezen.
Vasten is dus niet iets van de Farizeeën of de roomsen. Het is iets heel bijbels!
Alleen, hóe geef je daar nu invulling aan?
Christus legt een link tussen Zijn weggaan als Bruidegom naar de hemel en het op aarde blijven van Zijn bruid.
Vasten is dan een manier om je persoonlijke en gezamenlijke relatie tot je Here vorm te geven.
Daarnaast is het belangrijk er op te letten, dat in de Bijbel vasten altijd is gekoppeld aan bidden.
Dat is heel verhelderend voor de aard van het vasten. Zoals wij dat mogen doen.
In het gebed gaan we naar de HERE toe, in de verwachting dat Hij ons alles wil geven.
Hoe kun je nou naar een God toegaan Die alles geeft, wanneer je zelf alles krampachtig wilt vàsthouden en nooit eens iets kunt loslaten?
Vasten is een teken van overgave en toewijding aan een God Die zich aan óns geeft.
Daarom mag vasten ook niet beperkt blijven tot het afzien van voedsel op bepaalde momenten .
Dan is het een vorm zonder inhoud.
Vasten moet een teken zijn van heel je levenshouding.
Niet alleen maar op gezette tijden. Maar op álle momenten.
In het O.T. kom je dan ook vaak déze kritiek tegen van de profeten op het volk Israel:
Jullie vasten wel voor de vórm, maar je leefstijl spoort er niet mee.
Het punt van het vasten is dus niet even op een Aswoensdag af te handelen.
Het blijft constant hoog op de agenda van je leven staan.

Vasten kan veel inhouden.
Het biddend strijden van de goede strijd van het geloof kost je veel tijd en energie, soms zelfs je nachtrust.
Er zijn ouders die weinig plezier meer in hun leven hebben, vanwege de biddende strijd voor hun kinderen.
Het meeleven en meebidden in kerkelijke zaken kost tijd en inspanning.
Het kerkelijke leven vraagt financiële offers. Gereformeerde scholen ook.
Je moet bereid zijn je er iets voor te ontzeggen.
Vasten heeft ook te maken met wat Paulus schrijft in de 1e brief aan de Corinthiers.
Hij zegt in 1 Cor. 7:31 dat we in deze wereld moeten leven alsof ze voor ons niet meer van belang is.
Want de wereld die wij kennen gaat ten onder.
Paulus keert zich daarmee tegen mensen in de gemeente van Corinthe.
Die zeiden: je mag helemaal geen gebruik maken van de wereld.
Een gelovige moet zich uit de wereld terug trekken.
Paulus is het daar niet mee eens.
Je leeft als gelovige in de wereld en je mag daar ook gebruik van maken.
Maar, je moet daarbij volgens Paulus wèl grenzen in acht nemen.
Dat is nu precies wat in het ‘vasten’ tot uitdrukking wordt gebracht.
De bruid van Christus moet zich consequent onthouden van alles wat de relatie met de bruidegom kan schaden.
“Wie heb ik buiten u in de hemel? Naast U wens ik geen ander op aarde!”
Dat is vasten! Dat wij ons consequent onthouden van alles, waar de Heiland niet in te vinden is.
Of je nu eet of drinkt of wat ook doet, doet het tot eer van God.
Leven en lachen en lol waarin niets doorklinkt van de vreugde van je verlossing, dat smaakt ons niet.

Daarmee wordt het vasten voor ons hyperactueel!
De noodzaak om te vasten neem toe, als je let op de tekenen der tijden.
Het einde van de geschiedenis vertoont n.l. veel overeenkomst met de bange dagen die aan Pasen vooraf gingen. Ook daarover spreekt Christus in Johannes 16, vers 20
“Voorwaar, Ik verzeker jullie: je zult huilen en weeklagen, terwijl de wereld blij zal zijn.
Je zult bedroefd zijn, maar je verdriet zal in vreugde veranderen.”
In die tijd leven wij.
De Bruidegom ís er. En tegelijk is Hij er óók weer níet.
Het is feest in de Kerk, want wij zijn verlost, God heeft ons wèl gedaan.
Tegelijk zijn er óók momenten dat je geen hap door de keel kunt krijgen.
We zijn het tijdperk van de totale verwereldlijking ingegaan.
Velen breken met de kerk.
Mensen, die zich Christen noemen, leven in de dagelijkse praktijk vaak volkómen verwereldlijkt.
Alsof alles wat deze wereld hen te bieden heeft op het gebied van sport en spel, muziek, film en dans en theater, van het grootste belang is – daar gaan de gesprekken ook over. Los van Christus. Los van God.

Eén voorbeeld wil ik noemen, het kwam vorige week ter sprake met de catechisanten van groep 2.
Het ging over de ranzige programma’s en videoclips van MTV. TMF en BNN.
De ene catechisant zegt: ik zet ‘m wel uit als er iets voorbij komt wat niet kan.
De andere zegt: nee, wij kijken bij ons thuis daar helemaal niet naar, het komt er bij ons niet voor.
Afgelopen vrijdag is over dat probleem juist een conferentie gehouden.
Hoe worden jongeren zich bewust van de invloed die gewelddadige en seksueel getinte tv-programma’s en videoclips op hen hebben?
Andries Knevel durfde de kat de bel aan te binden. MTV is een invloedrijke en verderfelijke omroep, zei hij. Als jongeren van 10 jaar thuis komen, zetten ze direct die zender aan. En de beelden die MTV toont, branden op hun netvlies. Wat die kinderen op tv zien, doen ze na. Dát is schadelijk.
Dat uit zich in hoe jongeren zich kleden, denken en omgaan met seksualiteit.
Ik zou er in het verband van onze tekst op willen wijzen, dat vasten voor ons vandaag betekent:
dat wij ons er radicaal van onthouden. In een gezin, waar geleefd wordt met Christus de bruidegom, moet geen enkele plaats zijn voor deze ranzige programma’s.
Maak jezelf toch niks wijs, door te zeggen: als er iets fouts komt zet ik ‘m wel uit.
Dan is het kwaad al lang geschiedt.
Je moet hem gewoon niet aanzetten, zo’n ranzige zender!

Laten we wakker worden, gemeente, jongens en meisjes,
laten we ons meer en meer bewust worden van onze christelijke identiteit.
De wereld los van God, laat dat jouw leefwereld niet zijn, kom op zeg!
Heb jij het daar nooit te kwaad mee? Grijpt dat jou niet naar de keel?
Een reden des te meer om in deze haastige tijd ruimte te scheppen om te vasten en te bidden.
Voor mijn part dán maar kalender-achtig, door vaste tijden af te spreken als man en vrouw, als gezin.
Maar er móet ruimte zijn voor het lezen van de Bijbel en voor meditatie,
Voor het overdenken van de wegen die de HERE met je gaat in je persoonlijke leven en in de wereld.
Om jezelf tóe te wijden aan de HERE, en je te concentreren op Zijn dienst.
Er is veel reden tot boetedoening en berouw, voor verootmoediging en bekering.
Alleen dán kun je je gerechtigheid buiten jezelf, in Jezus Christus zoeken en vinden.
Dan ga je ook steeds vuriger bidden: Here Jezus, kom maar gauw!
Als u niet gauw komt, en als de tijd niet wordt ingekort, zijn er straks helemaal geen bruiloftsgasten meer!
Laat het maar gauw feest worden, Here Jezus.
Alléén maar feest. Zonder vasten. Omdat de bruiloft van het Lam is gekomen.

Amen.

Vlaardingen 19 februari 2006.

Wat te doen?

 

Disclaimer, Privacy en Copyrights

Disclaimer - Privacy Statement - Copyrights - Powered by Doppy.nl - zaterdag 26 juli 2008 23:02